WACHTSCHEMA YPENBURG 1939-1940


Voorbeeld van een wachtschema tijdens de mobilisatie 1939-1940

Soms kom je zaken op onverwachte plekken tegen. Het is dan zeker leuk als die zaken ook voor het reenactment handig kunnen zijn. Als dan ook nog blijkt dat er een historische connectie is met de meidagen van 1940 dan is het helemaal prijs.

Onlangs kocht ik weer eens een grote stapel Nederlandse voorschriften. Ach, je koopt zo’n 50 voorschriften omdat er dan drie tussen zitten die je nog niet hebt. Die zijn als eerste gekoesterd, keurig geregistreerd en bij de rest van de collectie in de kast geplaatst. Voordat het overschot doorverkocht wordt via de immer populaire internetveilingen, is toch nog even nagekeken of er wellicht exemplaren bij zijn die betere toestand verkeren, in vergelijking met de al in de collectie opgenomen boekjes. Dat was in enkele gevallen zo. Op sommige andere stonden wat spannende stempels van zeldzame onderdelen. Die worden dan ook maar even achtergehouden. Tenslotte ook nog even een snelle blik op de inhoud. Even doorbladeren, want tussen de bladzijden zou ook nog iets verborgen kunnen zijn. Het is eerder voorgekomen dat een briefje, een wasserijmerkje, een hotelrekening e.d. aangetroffen. Ook nu is het raak. Een voorschrift van het KNIL levert een hele serie brieven, bevelen en aankondigingen die vanuit Bandoeng zijn verstuurd.
Daarna werd in een wel heel algemeen voorkomend voorschrift, Nr. 1 Voorschrift op den Garnizoensdienst, iets gevonden dat we prima kunnen kopiëren en gebruiken. Het is namelijk een gestencild vel van drie kantjes waarop de “Verplichtingen van de sergeant van de week”, “Verplichtingen Wachtcommandant Kazernewacht” en “Verplichtingen Wachtcommandant Garnizoensdienst” staan aangegeven. Bij ieder item is het desbetreffende reglementsartikel genoemd, inclusief de belangrijkste punten uit dat artikel. Bovendien, en dat maakt het natuurlijk aardig is bij elk een annotatie in potlood gemaakt.

Verplichtingen sergeant van de week

Onder op de stapel lag een ander zeer algemeen voorschrift (Nr. 72 b, Handboek voor den Soldaat, Deel II: Infanterie, Algemeen). Hier blijkt de naam van de voormalige eigenaar te zijn geschreven: “Stockman, H.C., R. Grenadiers 1519”. Het blijkt dat de beste man sergeant was, want in het voorschrift is een wachtschema gestopt, waarop hij samen met de ondergeschikten van zijn groep vermeld staat. Ze hoorden blijkbaar tot het 3e stuk of depot stuk dat opgesteld stond op vliegveld Ypenburg. Dat ‘het stuk’ een zware mitrailleur was, blijkt uit de beschrijving van Brongers in zijn boek over De Slag om Ypenburg (blz. 71-72). Hij laat hier vaandrig Van Benthum aan het woord die zijn belevenissen van 10 mei 1940 in de strijd om de stellingen in de zuidwestelijke rand van het vliegveld beschrijft:  

“… Ik riep tegen de soldaten die zich in de loopgraaf bevonden:”Links van ons zitten Duitsers!” Een van hen vuurde hierop in het wilde weg met het noodlottige gevolg dat mijn metgezel gedood werd. Deze loopgraaf liep ook in de lengterichting van de dijk. Op de borstwering was een zware mitrailleur geplaatst, gericht op het vliegveld. Er bevonden zich hier twee soldaten, korporaal Van Stokkum en sergeant Stockman. De vijand kwam nu langs de dijk oprukken. Op ongeveer 30 à 40 meter hielden ze halt en begonnen met handgranaten te werpen, waarvan de explosies een geweldige knal en een zware luchtdruk teweeg brachten. Op onze mensen maakte dat een grote indruk; blijkbaar hadden ze nog nooit met scherpe handgranaten gegooid en de uitwerking dus nimmer meegemaakt. Enkelen begonnen te mopperen en mompelden van “overgeven”. Ik zei tegen hen dat hiervan geen sprake was en dat we zouden doorvechten tot het einde, waarbij ik hen uitlegde dat de uitwerking van die handgranaten zo erg niet was. Het waren aanvalshandgranaten en die geven alleen maar een grote knal. Dit vermoede ik omdat de Duitsers met het oog op hun eigen dekking, moeilijk verdedigingshandgranaten konden werpen. Toen de mannen dit hoorden, stonden ze ineens als één man achter mij en besloten met mij de strijd niet op te geven. Intussen wist ik maar al te goed dat het slechts een kwestie van tijd was, want we beschikten maar over één geweer, twee karabijnen en twee pistolen. De twee soldaten aan de voorkant gaf ik opdracht te vuren zodra ze een hoofd zagen, maar niet vóór ze zeker wisten dat het schot raak zou zijn, daar we slechts over zeer weinig munitie beschikten. Intussen stond de zware mitrailleur nog steeds op de borstwering. Korporaal Van Stokkum hielp mij toen het wapen daar af te halen en in de lengterichting van de loopgraaf in stelling te brengen. Dit is onder hevig vuur ook gelukt, maar ik heb nooit geweten dat men op zo’n ogenblik zoveel kracht kon ontwikkelen. De zware mitrailleur woog met de affuit ongeveer 55 kilo en dat moesten we boven ons hoofd verplaatsen. Ofschoon we gelukkig geen van tweeën door het hevige vuur waren getroffen, was al onze moeite vergeefs, want direct daarop kwam een handgranaat bovenop de mitrailleur terecht en sloeg het slot kapot. De sergeant waarschuwde plotseling voor Duitsers die links van ons zaten. Een handgranaat die vlak achter mij neerkwam, werd door korporaal Van Stokkum opgeraapt en weer teruggeslingerd. Het projectiel ontplofte vlak boven de Duitsers, maar de uitwerking van dit moedige staaltje kon helaas niet door ons worden waargenomen. Af en toe uit de loopgraaf kijkend, vuurde ik met mijn pistool op de vijand op een afstand van ongeveer 30 meter. Drie van hen heb ik zo zien vallen. Terwijl ik druk aan het schieten was, vlogen twee kogels de zandzakken in: één onder mijn kin door en de andere vlak achter mijn rug. Ik pakte daarom gauw wat zandzakken en legde ze op de linkerkant van de loopgraaf. Onze positie werd evenwel steeds hachelijker. In één van de karabijnen was een kleiprop gekomen, waardoor het wapen uit elkaar sprong. De geweerpatronen waren opgeraakt en ikzelf had nog slechts enkele pistoolpatronen. De Duitsers hebben stellig gedacht dat onze bezetting zeer sterk was, want ze hebben bijna drie uren getracht de loopgraaf te veroveren. Nadat ook mijn laatste patroon was afgeschoten werden tientallen handgranaten in de loopgraaf geworpen. Dat werd ons noodlottig. Door elkaar vallend, terwijl de stukken hout om ons heen vlogen en ik door een vallende zandzak even het bewustzijn verloor, werden we overmeesterd…”


Zoals we alle weten is deze verovering slechts van tijdelijke aard. De Nederlandse troepen weten zich te herpakken en met grote voortvarendheid de Duitsers te verdringen vanaf het vliegveld.
Terug naar het wachtschema, dat waarschijnlijk bij de hierboven genoemde mitrailleur heeft gehoord. Mogelijk zijn de andere soldaten in de loopgraaf ook de mannen die sergeant Stockman onderzijn bevel had.

wachtschema Ypenburg, 1939-1940

Het schema is op een gelinieerd papiertje geschreven dat uit een schrift is gescheurd. Met potlood is er een verdeling in vakken gemaakt. Links staat de namenlijst. Bovenaan staan de tijden waarbij blijkbaar de wacht werd gewisseld om 11.00 en 23.00 uur. Onderaan staan de dagen genoemd. Hierbij is er steeds melding van een dag met een tussenruimte van twee dagen tot de volgende, dus 2/5/8/11… Deze reeks is dus waarschijnlijk van de maanden januari, februari en maart 1940. Doorrekenend in dit schema, dan zouden korporaal Van Stockum (zoals Stockman zijn naam spelt) op 10 mei geen dienst hebben, maar de soldaten Luiten, Heuvel en Steenberg wacht hebben. Waarschijnlijker is natuurlijk dat vanwege het algemeen alarm de hele groep in het geweer was geroepen. Wel is duidelijk dat het wachtschema er in voorziet dat constant drie man wacht hebben. Er bestaan naast wacht nog twee soorten van activiteiten: algemeen piket (dus stand-by) en vrij met tussenappèls. Er staat dus geen verlofregeling, tenzij dit op de twee tussenliggende dagen van het schema gebeurde. Een dergelijke veelvoorkomende onderbreking is echter niet waarschijnlijk. De werkzaamheden zijn helder van elkaar gescheiden door verschillend kleurgebruik: wacht is rood, algemeen piket is blauw en vrij met tussen appèls is groen. Zo’n schema zou dus niet hebben misstaan in onze loopgraaf tijdens de Landmachtdagen te Amersfoort!

Literatuur: Brongers, E.H., 2000, De Slag om Ypenburg, Mei 1940, Rijswijk

© Arjen Bosman, 2009


NB
Dit artikel is eerder verschenen in de "Opmars", 14e jaargang, nr. 79, augustus 2009. OPMARS is het tweemaandelijkse magazine van de Vereniging Historische Militaria (
www.livinghistory.nl).

WACHTSCHEMA YPENBURG 1939-1940