OPBOUWDIENST 1940


Wie?
De opbouwdienst

Wat?
Bijeenkomst manschappen met toespraak van officier

Waar?
Ergens in Nederland

Wanneer?

Kort na 15 juli 1940

Toelichting
"Rijkscommissaris A. Seyss-Inquart en Generalkommissar F. Schmidt grepen de demobilisatie van het Nederlandse leger aan om een overgangsfase, in de vorm van de Opbouwdienst, te creŽren.
De Opbouwdienst zou geen Arbeidsdienst zijn, zoals die in Duitsland bestond. Deze voorziening diende gezien te worden als een niet-militaire instelling van de Nederlandse staat. Doel was om de rest van de Nederlandse krijgsmacht naar de burgermaatschappij over te brengen om de werkloze soldaat te helpen zijn krachten aan de wederopbouw van zijn land te wijden. De bezetter had echter van het begin af aan de intentie om de Opbouwdienst in een later stadium tot Arbeidsdienst te transformeren.
Op 15 juli 1940 trad de Opbouwdienst in werking. Bepaald werd dat de Opbouwdienst zou ressorteren onder het departement van Algemene Zaken. Door de Duitsers werd de legerofficier Jacob Nicolaas Breunese aangesteld als commandant. Meer dan 1000 beroepsofficieren, kadetten en adelborsten, ongeveer 800 reserve-officieren, 1500 beroepsonderofficieren en zo\rquote n 900 beroepssoldaten meldden zich er vrijwillig voor aan; van het lager dienstplichtige kader en van de gewone dienstplichtigen gingen ruim 60.000 man geleidelijk over in de Opbouwdienst. Zij waren onderworpen aan de bepalingen van de krijgstucht. Leden van de Opbouwdienst zouden gaan werken aan het soort objecten dat in Duitsland door de Reichsarbeitsdienst ter hand werd genomen: ontginning, wegenaanleg en drainage. Zang en sport kregen veel aandacht.
Gesteld kan worden dat de Opbouwdienst, zowel door de ideologische instelling van het kader als van de grote meerderheid van de leden en ondanks de eigenlijke intentie van de Duitse oprichters, een strikt Nederlandse instelling bleef. De voormalige militairen waren Nederlandse mannen, die de Opbouwdienst accepteerden als een sociaal vangnet, maar verder anti-Duits dachten en bleven denken. De klachten over landerigheid en het gebrek aan discipline waren legio.
De omzetting van de Opbouwdienst in de Arbeidsdienst werd al in oktober 1940 voorbereid door het ontslag van alle manschappen, ouder dan 25 jaar, en alle onderofficieren, ouder dan 35 jaar, uit het leger. De helft van hen werd ondergebracht bij de gemeentelijke luchtbeschermingsdiensten. Anderen, ongeveer 1500 man, werden bij politie en brandweer geplaatst. Ongeveer 3000 kaderleden en 17.000 manschappen bleven over. Zij zouden overgaan naar de Arbeidsdienst.
"

Meer informatie

Even geduld - film moet laden ....






Het mouwembleem van de opbouwdienst - een witte driehoek (hier genaaid op buitenmodel-whipcordstof)

OPBOUWDIENST 1940